De Column van Vrijdag - Mateloos Featured

Lockdown Poetry Lockdown Poetry

Mateloos
Ik zou mezelf niet direct als een poëtisch type willen betitelen. Het enige gedicht dat ik uit mijn hoofd ken is ‘Stadsgezicht’ van Jules Deelder. Ik ben misschien te Rotterdams, nuchter en prozaïsch voor ‘Poëzie’. Maar in mijn boekenkast bleek ik, bij de grote coronaopruiming, toch over een volle plank met poëzie te beschikken. Dat begint met de bundel ‘Naar vriendschap zulk een mateloos verlangen’.

Ik zal de datum en van wie ik deze bundel heb gekregen niet verklappen. Maar hij is na 40 jaar nog steeds een van mijn beste vrienden. Het is een bloemlezing homo-erotische poëzie. De titel komt uit het gedicht ‘Aan eenen jongen visscher’, van Jacob Israël de Haan, uit begin 20ste eeuw. Eind 20ste eeuw was er een aangenaam homo-café aan de Nieuwe Binnenweg met de naam ‘Mateloos’. Deze dichtregel stond daar op de deur.

cafe Mateloos

Een avond in Café  Mateloos - Erik Bezemer via DIG IT UP 

Herdenking bombardement
Tot voor kort was ik betrokken bij de herdenking van het bombardement, o.a. op Plein 1940. Daarbij was en is er altijd een belangrijke rol weggelegd voor de Stadsdichter. Het is een gedragen moment waar al veel over is geschreven. Bedenk dan maar weer iets nieuws, iets dat doel treft en de Rotterdamse harten raakt. Op die manier kwam ik in contact met de ‘Hartcore’ van de Rotterdamse poëzie. En leerde ik hun bijzondere omgang met woorden en taal waarderen. Zo heb ik de slotzin van het 14 mei gedicht van Derek Otte in mijn geheugen opgeslagen: “ondanks alles altijd voorwaarts”. Ik ‘leen’ ‘m vaak bij toespraakjes.

Poetry International
Bij die herdenkingen mocht ik samenwerken met Bas Kwakman. Hij was de grote man achter het jaarlijkse dichtersfeest: Poetry International. Dankzij hem kwam ik in contact met de fine fleur van de werelddichters. Op de openingsavonden kwamen alle talen en landen langs. Ik zal heel eerlijk zijn: soms vlogen de gedichten over mijn hoofd heen. Niet alles was aan mij besteed. Zo staat mij bij dat een Zweedse dichteres, gekleed in een vreugdeloos zomerjurkje en op Teva sandalen, de zaal de put in praatte. Loodzwaar, diepsomber en op één toon. Gelukkig had Bas daarna een Afrikaanse poëet opgelijnd, met schwung, tempo en vrolijkheid. Daar werd ik weer blij van, zonder precies te begrijpen waar het over ging.

Lockdown
Hoewel de titel anders doet vermoeden werd ik onlangs ook weer blij van de dichtbundel Lockdown: “Tien scherpe en troostrijke gedichten om ons in virale tijden te vergezellen”.
Ook nu zou ik liegen als ik zeg dat ik alles snap. Ook nu gaat het me soms te ver of te diep. Maar wat is er toch een ongelooflijke hoop talent in onze stad: ieder op zijn of haar eigen literaire wijze. En wat ziet het er ontzettend fraai en verzorgd uit, deze uitgave van Poetry International (programmeur Jan Baeke en directeur Inez Boogaarts). Met steun van stichting Droom en Daad (Wim Pijbes). Dat mag ook wel eens worden gezegd, hoe prozaïsch ook.


NB: de (gratis) bundel ‘Lockdown’ is op te vragen bij Poetry International via Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken. en kan daar na 4 januari worden afgehaald. Zo lang de voorraad strekt.


Meer over café  Mateloos is te vinden via de Roze Kaart van galerie en stadslab DIG IT UP  die als onderdeel van de tentoonstelling 'Out in  Rotterdam" is samengesteld.


‘Aan eenen jongen visscher’, van Jacob Israël de Haan

Aan eenen jongen visscher

 

Rate this item
(0 votes)
Last modified on donderdag, 07 januari 2021 08:47
Kees Vrijdag

Kees Vrijdag werkte tussen 1982 en 2012 bij KvK Rotterdam op de gebieden: haven, citypromotie, internationale handel en communicatie.
Hij zit in een aantal besturen: Vlaggenparade, Paul Nijgh-penning, Open Rotterdam en Aan Den Slag! En hij is ambassadeur voor Benefits for Kids. Ook is hij betrokken bij Het Gezelschap, Club 25 en 'Mankracht Rotterdam'. Door verbindingen te leggen in Rotterdam wil hij bijdragen aan de rijkdom van diversiteit in de stad.